HUIDIG ONDERZOEK EN ACTIVITEITEN
a.) Zesde UCERF symposium
Op donderdag 12 april 2012 vindt het zesde symposium over actuele ontwikkelingen in het familierecht van het Utrecht Centre for European Research into Family Law (UCERF) plaats. Geďnteresseerden worden van harte uitgenodigd deel te nemen aan dit symposium, waar gerenommeerde sprekers uit wetenschap en praktijk voordrachten zullen houden over het familierecht. Tijdens het eerste deel van het programma zal prof. dr. Lieke Coenraad (Vrije Universiteit Amsterdam) een voordracht houden over familieprocesrecht. Vervolgens zal dr. Susan Rutten (Universiteit Maastricht) spreken over Islamitisch familierecht, waarna mr. Pia Lokin (UCERF, Radboud Universiteit) ons zal voorlichten over Internationaal erfrecht.
Tijdens het tweede deel van het programma zal dr. Anne-Rigt Poortman (Universiteit Utrecht) een presentatie geven over familiesolidariteit, waarna dr. Ton Liefaard (Universiteit Utrecht) de recente ontwikkelingen in het jeugdstrafrecht uiteen zal zetten. De middag wordt afgesloten door mr. Nora de Vries (UCERF, Universiteit Utrecht), die zal spreken over aansprakelijkheid in familieverbanden.
Gedurende het symposium is er ruim de tijd voor discussie en het stellen van vragen aan de sprekers. Na afloop van het programma is er tijd is om onder het genot van een drankje op de middag terug te kijken.
Datum: donderdag 12 april 2012
Tijd: 13:00 uur
Locatie: Utrecht (specificaties volgen na aanmelding)
Kosten: € 70 (€ 30 voor aio’s en studenten) inclusief de bundels met voordrachten en receptie
Voor meer informatie over het programma klik hier (openen in nieuw tabblad). Het aanmeldformulier kan hier (openen in nieuw tabblad) worden gedownload.
Voor overige vragen kunt u contact opnemen met mr. Evelien Verhagen.
b.) Actuele ontwikkelingen in het kinderalimentatierecht
In september 2011 presenteerden twee Kamerleden van de VVD en de PvdA een voorstel voor een nieuw vereenvoudigd kinderalimentatiestelsel in Nederland. Twee UCERF-onderzoekers, Ian Curry-Sumner en Merel Jonker, namen deel in de werkgroep die de Kamerleden adviseerde op dit terrein. Hun verantwoordelijkheid bestond eruit inzicht te geven in de verschillende buitenlandse kinderalimentatiestelsels. Ian Curry-Sumner bracht het Engelse stelsel in kaart. Merel Jonker nam naar aanleiding van haar proefschrift ‘Het recht van kinderen op levensonderhoud: een gedeelde zorg’ het Noorse en Zweedse kinderalimentatie stelsel voor haar rekening.
c.) Opleiding Specialisatie Jeugdrecht
Algemeen
Op 3 april 2012 start aan de Universiteit Utrecht de tweede editie van de Opleiding Specialisatie Jeugdrecht. De opleiding is bedoeld voor advocaten die zich willen specialiseren in het jeugdrecht (zowel civiel als strafrecht). Deze intensieve, praktijkgerichte cursus heeft een wetenschappelijke basis en sluit aan bij de voorwaarden die in de toekomst worden gesteld aan jeugdrechtadvocaten, om in jeugdzaken te worden toegevoegd.
Inhoud
De Opleiding Specialisatie Jeugdrecht loopt van april tot november 2012. Gedurende tien avonden (van 18.00 – 21.30 uur) verdiept u zich onder meer in de positie van de minderjarige binnen het (inter)nationale familierecht, het jeugdbeschermingsrecht, de organisatie van de jeugdzorg en de Wet op de jeugdzorg, de gesloten jeugdzorg, het jeugdstrafrecht en justitiële jeugdinrichtingen. Daarnaast zijn er onderdelen over communiceren met adolescenten en de rol van ouders binnen het jeugdrecht.
Docenten
De docenten die de opleiding verzorgen zijn allen gespecialiseerd in het civiele of strafrechtelijke jeugdrecht en werken als hoogleraar, universitair docent, advocaat, kinderrechter of jeugdofficier van justitie.
Voorwaarden, kosten en inschrijving
Advocaten die willen deelnemen aan de opleiding dienen minimaal in het bezit te zijn van een stageverklaring. De kosten bedragen € 3.150,- (incl. literatuur en catering; geen BTW). Inschrijving tot 1 maart 2012 via de Stichting Strafrechtpraktijk: secretariaat@stichtingstrafrechtpraktijk.nl.
Organisatie
De Opleiding Specialisatie Jeugdrecht wordt verzorgd door het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Molengraaf Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, in opdracht van de Stichting Strafrechtpraktijk.
Meer informatie
Meer informatie over deze opleiding en het gehele programma vindt u op: www.uu.nl/strafrecht.
Ook kunt u terecht bij mr. dr. T. Liefaard, coördinator van de opleiding: t.liefaard@uu.nl.
d.) WODC Rapport: draagmoederschap en illegale opneming van kinderen
In 2011 hebben medewerkers van het UCERF een door het WODC aangevraagd onderzoek naar draagmoederschap en illegale adoptie afgerond. Dit onderzoek heeft geresulteerd in het rapport Draagmoederschap en illegale opneming van kinderen. Uit dit onderzoek naar draagmoederschap en illegale opneming van kinderen waarin dertien rechtsstelsels zijn geanalyseerd (Californië, Griekenland, India, Oekraďne, België, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Noorwegen, Polen, Spanje en Zweden) komen onder meer de volgende drie bevindingen naar voren:
Draagmoederschap is in Nederland niet in detail geregeld. Het strafrecht bevat een aantal bepalingen in het kader van draagmoederschap. Het afstammings- en adoptierecht bevatten geen specifieke bepalingen omtrent draagmoederschap;
Er is in het Nederlandse recht geen helder onderscheid tussen altruďstisch en commercieel draagmoederschap;
Er is onduidelijkheid met betrekking tot de erkenning in Nederland van ouderschap dat in het buitenland na draagmoederschap tot stand is gekomen.
Een belangrijke conclusie die uit het onderzoek voortvloeit, is dat zowel het Nederlandse materiële recht alsook het Nederlandse internationale privaatrecht geen eenduidige antwoorden geeft op vragen die naar aanleiding van draagmoederschap en illegale opneming van kinderen ontstaan. Dit leidt tot onduidelijkheid over de juridische positie van het kind dat wordt geboren na draagmoederschap en tot onzekerheid over de juridische positie van wensouders en draagouders. De afspraken die partijen maken over het draagmoederschapstraject en de overdracht van het kind kunnen niet in rechte worden afgedwongen en het is niet voorspelbaar hoe de rechter zal oordelen als de afgifte van een kind wordt geweigerd.
Voor een Nederlandse samenvatting van het rapport, klik hier. Voor een pdf versie van het rapport klik hier.
e.) WODC rapport: huwelijk of geregistreerd partnerschap?
Dit onderzoek had tot doel om twee belangrijke wetten uit het Nederlandse familierecht te evalueren, de Wet openstelling huwelijk en de Wet geregistreerd partnerschap. Na de invoering van de Wet openstelling huwelijk, heeft de minister van Justitie in 2001 toegezegd de Wet openstelling huwelijk te evalueren waarbij met name dient te worden ingegaan op de relatie van het opengestelde huwelijk tot het geregistreerd partnerschap. Daaraan is met dit onderzoek gevolg gegeven. Hoe functioneert de wetgeving in de praktijk? Zijn de doelstellingen van de wetgeving bereikt? Hebben zich praktische of technische problemen voorgedaan? Welke rol vervult het geregistreerd partnerschap naast het opengestelde huwelijk? Deze en andere vragen liggen ten grondslag aan de evaluatie van beide wetten.
Voor een Nederlandse samenvatting van het rapport, klik hier. Voor een pdf versie van het rapport klik hier.